Voorwoord door Albert Muller

Deze rubriek is aangemaakt om van gedachten te wisselen over BD imkeren
Gesloten
Gebruikersavatar
oldtimer
Eindbeheerder
Berichten: 721
Lid geworden op: za 23 jul 2016, 23:02
Aantal volken: 40
Contacteer:

Voorwoord door Albert Muller

Bericht door oldtimer » di 12 mei 2020, 21:35

In 1979 ontstond de BD-imkerwerkgroep dankzij Sieb Fontein (1914-1993). Hij was zich bewust van de grote bedreiging die de moderne, kunstmatige bijenteelt voor de imme is. Het werk van Rudolf Steiner (1861-1925), grondlegger van de Anthroposofie, was zijn inspiratiebron.
In de lezingencyclus "De Bijen" spreekt Rudolf Steiner in 1923 over de bijzondere taak van de bijen in de aarde- en mensheidsontwikkeling. Als imkerwerkgroep zien wij het als onze taak deze impuls en haar achtergronden te onderzoeken en naar de praktijk van het huidige imkeren te vertalen, waardoor de vitaliteit van het bijenorganisme ondersteund wordt en daarmee haar voortbestaan ondersteund.
Hieruit zijn vele inzichten voor het begeleiden van honingbijen voortgekomen. Hieronder volgen een aantal van deze inzichten, uitgangspunten, voor het begeleiden van de honingbijen:
het bijenvolk, de imme, is te beschouwen als 1 organisme, 1 wezen. Daartoe behoren de koningin, de werksters, de darren, de raten, het broed, de voorraden stuifmeel, nectar en honing, de propolis, maar ook de hele omgeving die de imme verzorgt. Een imme verzorgt ongeveer 60 km2.
het laten afkomen van zwermen is de meest optimale basis voor het laten ontstaan van nieuwe imme.
de raten kunnen de bijen het best zelf bouwen en vormgeven. Als door de bijen zelfgebouwde raat goed bekeken wordt, is te zien dat er vele onregelmatigheden in zitten. Iedere imme bouwt op haar eigen manier de raten. Bijen communiceren met behulp van de dans; het trillen van de pootjes op de raat en daartoe moet de raat flinterdun zijn wil dat doorkomen. De onderlinge communicatie is van groot belang voor de vitaliteit van de imme
de bij-eigen natuurlijke afstand tussen de raten (35 mm - hart tot hart) wordt doordat de bijen zelf hun raat bouwen in acht genomen. Dit zorgt voor een optimaal en krachtig, warm broednest.
het is te prefereren de bijen 1 grote ruimte te geven waarin ze een ongedeeld bijenlichaam kunnen bouwen. Bijvoorbeeld in een grote korf of in een kast met hoge ramen. De Nederlandse of Duitse natuurbouwkasten. Het broednest ontwikkelt zich dan als een gesloten bolvormig geheel.
iedere imme mag zoveel darren hebben als ze zelf voortbrengt, gezien de bijzondere functie die de dar heeft.
Als er bijgevoerd moet worden om de bijen de winter door te helpen, geniet het inwinteren op eigen honing de voorkeur. Als dat niet lukt, kan het bijvoederen met een suikeroplossing verrijkt worden met de eigen honing en/of kruidenthee (met o.a. kamille) en eventueel een snufje zout. Door dit verrijken van de suikeroplossing wordt het de bijen makkelijker gemaakt de suiker om te zetten tot een substantie die zeer sterk op honing lijkt
er is een respectvol contact van de imker tot de imme. Een imker die niet overgevoelig is voor bijensteken werkt met blote handen in de bijen. Het "Imkeren uitgaande van het wezen van de bij" is een proces dat voortdurend in ontwikkeling is.

De BD-imkerwerkgroep stelt geen algemene richtlijnen, maar bevordert individueel imkerschap waarbij de imme het uitgangspunt is. Er is dan ook geen recept, geen kwaliteitskeurmerk, geen commercieel uitgangspunt, geen BD-imkermethode met voorschriften.
Basislectuur:
Steiner, Rudolf: De Bijen (een lezingencyclus)
Lorenzen, Iwer Thor: Natuur en Wezen van de Honingbij
Alexander (Lex)

Gesloten

Wie is er online

Gebruikers op dit forum: Geen geregistreerde gebruikers en 1 gast